Waarom V&VN vernieuwt: ‘de cultuur was te veel top-down’

Het bestuur a.i. van de beroepsvereniging van Verpleegkundigen en Verzorgenden Nederland heeft bij haar aantreden in september van de Ledenraad de opdracht gekregen om de vereniging te vernieuwen. Op maandag 10 februari kwamen de bestuurders van de afdelingen en platforms van V&VN in Utrecht bijeen om de uitgangspunten van die vernieuwing te bespreken. (meer…)

Begin 2019 was het idee: vijftien jaar nadat V&VN uit een fusie van zo’n dertig verenigingen is ontstaan, kijken of de afspraken die toen gemaakt zijn nog steeds werken. Wat is de belangrijkste opdracht van V&VN? Welke taken horen daarbij? En welke structuur? Is de vereniging er vooral voor de belangen van haar leden of voor de ontwikkeling van de beroepen? Wil de V&VN het altijd eens worden en met één mond spreken of is er ruimte voor verschillende geluiden?

Stem leden zwaarder laten wegen
De afgelopen zomer heeft die vernieuwing in een stroomversnelling gebracht. Gerton Heyne, voorzitter a.i. van V&VN: “Eigenlijk iedereen die ik spreek, geeft aan dat de stem van de leden zwaarder moet wegen.”

Afdelingen V&VN anders organiseren?
Nandl Lokhorst, voorzitter van de afdeling V&VN Sociaal Psychiatrisch Verpleegkundigen (SPV): “V&VN moet zeker veranderen. De cultuur was te veel top-down. Terwijl het juist andersom zou moeten zijn. Daar ligt ook een rol voor de afdelingen. We zouden elkaar veel meer op kunnen zoeken. Dat doen we binnen het GGZ-cluster wel. Maar dat gebeurt V&VN-breed nog te weinig.”

Moet de inrichting van V&VN passen bij hoe de zorg is georganiseerd? Tessa Möring, voorzitter van de afdeling V&VN Voortplanting, Obstetrie en Gynaecologie: “Wij waren al aan het kijken met de kinderverpleegkundigen of we samen kunnen gaan. In de praktijk komen patiënten terecht bij moeder-kind centra, er worden zelfs speciale ziekenhuizen voor gebouwd. Het is logisch om daarop aan te sluiten.”

Toch staat niet iedereen te trappelen om het aantal afdelingen te verminderen. Marita de Kleijne, voorzitter van het platform V&VN Verzorgenden: “Ik snap dat. Zeker als je een grote afdeling hebt, met veel leden en een groot budget. Maar toch is het goed om daarover na te denken. Normaal gesproken ren je van cliënt naar cliënt, dit dwingt ons even stil te staan.”

Inge Rinzema, vice-voorzitter van de afdeling V&VN Verpleegkundig Specialisten: “Ik mis, in hoe we georganiseerd zijn, de samenhang tussen de beroepen. Ik zou het liefst zien dat je je per beroep organiseert en vervolgens per thema samenwerkt. Bijvoorbeeld op ouderenzorg. Precies zoals we in de praktijk doen. In het verpleeghuis werk ik ook nauw samen met verpleegkundigen, met verzorgenden, maar ook met woonassistenten en helpenden. Zo zou ik het ook bij V&VN willen zien.”

Waarom veranderen moet
Maar waarom veranderen? Tessa: “Veranderen is sowieso goed, omdat de wereld verandert. Maar als ik terugkijk op afgelopen zomer, dan denk ik ook: ik wil een vereniging waarin de stem van de leden beter wordt gehoord. Het aftreden van het bestuur was een groots gebaar. Ik denk dat het nu belangrijk is om te laten zien dat we als vereniging luisteren. Dat we kritiek serieus nemen. Dat daar alle ruimte voor is.” Ariane van Wamel, lid van de Ledenraad, valt haar bij: “Het bureau werd gezien als paternalistisch. Met de goed bedoelde gedachte van ‘we weten wat goed voor je is’. Ik denk dat je veel meer toe moet naar een wisselwerking en samenwerking tussen bureau en bestuur én tussen de afdelingen. We hebben altijd de mond vol van ‘professionele autonomie’. Daar moeten we ook onszelf aan houden. Professioneel organiseren en besturen hoort daarbij.”

Je thuis voelen
Marita: “Je moet je thuis voelen in een club. Ik hoor te vaak: verzorgenden zijn onzichtbaar. Het gaat alleen over verpleegkundigen. Zeker afgelopen zomer was het gevoel toch van ‘is V&VN soms alleen voor verpleegkundigen?’ Een derde van de leden van V&VN is verzorgende. Maar er zit geen verzorgende in het bestuur, er zit geen verzorgende in de Ledenraad. Leden moeten zich in het bestuur en de hoogste organen van de vereniging kunnen herkennen.” Rita Scholten, lid van de Ledenraad: “Ik vind het geweldig hoe we hier op het scherpst van de snede discussiëren. Voor mij gaat dit om verbinding. Hoe zorgen we dat de afdelingen, de leden, het bestuur en de ledenraad zo nauw mogelijk met elkaar optrekken? Hoe beter dat lukt, hoe sterker we staan.” Rowan Marijnissen – De Jong, van de afdeling V&VN Intensive Care: “Leden moeten zich herkennen in de stem van V&VN. We moeten meer inzicht geven in waar V&VN mee bezig is. Leden moeten zich hier gemakkelijk en snel bij aan kunnen sluiten.”

Doe je mee?
Tegen de zomer wil Gerton Heyne samen met Conny van Velden een voorstel voor de hervorming van V&VN neerleggen bij de Ledenraad. Alle uitspraken die er nu tijdens de bijeenkomsten worden gedaan – over de samentelling van het bestuur, over de missie en doelgroepen van V&VN – zijn stappen op weg naar het voorstel dat ze zullen doen. Die stappen gaan ze ook voorleggen aan de leden die in de laatste peiling aangeven betrokken te worden bij de vernieuwing.

Voorlopige uitgangspunten op basis van bijeenkomsten afdelingen en platforms
Tijdens de bijeenkomst van 10 februari werd een aantal principes besproken voor de vernieuwing. Een greep daaruit: V&VN heeft als belangrijkste doel om het beroep verder te brengen. Ze richten zich daarbij op alle 350.000 collega’s in het land. De werkvloer, daar waar de leden werken, is de basis. Daar krijgt het beroep vorm, daar vinden innovaties plaats, daar zitten hun mensen. Daarom is wat lokaal gebeurt leidend voor alles wat de V&VN op landelijk niveau doet.

Bron: V&VN